Leren doorslapen

13189

Kun je een baby leren doorslapen?

Baby algmeen

De truc is om je baby te leren zelf in slaap te vallen, zodat hij zichzelf ’s nachts kan geruststellen. Maar dat leert hij alleen als hij er aan toe is.
Ook volwassenen worden ’s nachts een aantal keer wakker. We draaien ons om en kunnen we het de volgende ochtend niet meer herinneren. Datzelfde moet een baby nog leren. Zodra hij dat kan, slaapt hij door! Dus ja, je kunt een baby leren doorslapen.

Daarbij volgt wel een aantekening: dat kan hij alleen als hij er aan toe is. Vergelijk het met leren lopen of praten, ook dat kun je niet afdwingen. Maar als je je baby vanaf een week of 6 begeleidt en goede slaapgewoontes aanleert, zullen echte slaapproblemen meestal uitblijven en gaat je baby doorslapen als hij daar aan toe is.

1. Slaapritueel

Vanaf een week of 6 a 8 is een baby oud genoeg om een slaapritueeltje te herkennen. Door dezelfde volgorde van handelingen snapt hij dat het tijd is om te gaan slapen. Een slaapritueel kan bestaan uit een schone luier, slaapzakje aantrekken, liedje zingen en een kusje.

2. Wakker in bed leggen

Vanaf 6 a 8 weken kun je beginnen met je baby één of meerdere keren per dag slaperig, maar nog wakker, in bed te leggen. Hierdoor leert hij om zelf in slaap te vallen, zonder van jou afhankelijk te zijn.

Hoe bepaal je het juiste moment om je baby in zijn wiegje te leggen? Hou hierbij een schaal van 1 tot 10 in gedachten. Een 1 staat voor klaarwakker, een 10 voor diepe slaap. Leg je baby bij 7 in bed. Daarbij is hij al wat aan het wegdommelen, maar is hij zich nog wel bewust van het feit dat hij in zijn bedje wordt gelegd.

Leg hem heel rustig neer en maak daarbij geen oogcontact! Kleine baby’s worden door het minste of geringste gestimuleerd en oogcontact is een beruchte. Lukt het nog niet: niet getreurd. Probeer het later nog eens. Vanaf een maand of 4 kun je baby bij elk slaapje wakker in bed te leggen.

3. Een knuffel, tutteldoekje of speen

Geef je baby iets mee in bed wat vertrouwd is, waarmee hij zichzelf kan geruststellen. Dat kan een knuffeltje zijn (niet te groot bij kleine baby’s!), een tutteldoekje of een speentje.

Heeft je baby erg veel moeite om zonder jou te zijn ’s nachts? Draag dan een tutteldoekje een dag lang bij je in je bh, zodat het naar jou ruikt en leg dat bij je baby in de wieg.

4. Voedt overdag vaker

Door overdag vaker te voeden, heeft je baby ’s nachts minder voeding nodig. Vanaf vier maanden zijn baby’s overdag zo alert, dat ze vaak net genoeg drinken om de ergste honger te stillen. Wat ze overdag tekort gekomen zijn, halen ze ’s nachts weer in. Door overdag vaker aan te bieden en eventueel op een rustige plek te gaan voeden, kan je dit voorkomen.

5. Maak het donker

Maak de kamer ’s avonds en ’s nachts zo donker mogelijk. Op die manier gaat de biologische klok werken en leert hij het verschil tussen dag en nacht. Zeker voor kinderen die licht slapen en makkelijk wakker worden, maken donkere gordijnen een wereld van verschil.

De Gro company heeft hele goede verduisterende gordijnen gemaakt. Deze kunnen in een handomdraai worden opgehangen en losgemaakt, zodat ze ook ideaal zijn voor gebruik tijdens logeerpartijtjes.

6. Hou het ’s nachts ongezellig

Maak de nachtvoedingen zo oninteressant mogelijk. Geen geknuffel, geen gepraat. De nacht is er om te slapen. Hou de lampen gedimd, dat kan met een goed nachtlampje.

De meeste luiers zijn er op gemaakt om tot 12 uur lang urine te kunnen opvangen. Als er dus geen poepbroek is, hoef je tussen 7 uur ’s avonds en 7 uur ’s ochtends niet te verschonen.

7. Vaste tijden

Vanaf een maand of 3 doe je er goed aan om je baby elke ochtend op hetzelfde tijdstip uit bed te halen en ’s avonds op hetzelfde tijdstip in bed te leggen. Dus ook in het weekend!

Maak ‘s ochtends duidelijk dat dit het begin van de dag is: doe de gordijnen open, geniet van het daglicht en praat met hem. Bouw ’s avonds een half uur voor het bedtijd is de dag rustig af. Praat rustig, doe geen drukke spelletjes en zet de tv en radio even uit. Op die manier help je hem in een ritme.

8. Weet wat je kunt verwachten

Tussen de 2 en 4 maanden gaan de meeste baby’s “doorslapen”. Helaas voor jou betekent dit geen volledige nachtrust. Medisch gezien betekent doorslapen 5 a 6 uur slaap achter elkaar. De meeste baby’s slapen in deze periode dus van 12 uur ’s nachts tot 5 uur ’s ochtends. Rond de 6 maanden slapen de meeste baby’s van 11 tot 7. Lichamelijk gezien zijn nachtvoedingen nu meestal niet meer nodig.

Wat als dit niet helpt?

Blijft je baby desondanks ’s nachts spoken? Valt hij na een nachtvoeding niet in slaap? Of wil hij na ’s nachts nog steeds elke 2 uur aan de borst? Vaak zijn het korte fases, waarin je baby onrustig is. Zorg overdag voor voldoende rust, lichaamscontact en structuur en het wordt meestal snel beter.

Blijft je baby onrustig, overweeg dan om samen te gaan slapen of las een slaaptraining in. Dat laatste kan op veel verschillende manieren en hoeft echt niet te betekenen dat je je baby eindeloos laat huilen. Voor iedereen is er wel een methode beschikbaar, met huilen maar ook zonder huilen.

Wil je meer lezen over dit soort onderwerpen?

Kijk dan eens bij ons artikel: Wanneer slapen baby’s door?